
Schoolgids 2011 - 2012
R.K. Basisschool
De Meerhoef

R.K. Basisschool De Meerhoef
Raadhuisstraat 1
5503 CS Veldhoven
tel.:040 - 2534003
e-mail:meerhoef@veldvest.nl website:www.meerhoef.nl
2. Basisschool de Meerhoef
Een schets van de school
Stichting Veldvest
3. Waar staat de Meerhoef voor
Karakteristiek van ons onderwijs
Waardenoriëntatie
Pedagogische doeloriëntatie en schoolprofilering
Kernwaarden van de school
Identiteitsontwikkeling van de
leerling
De 3 leertheorieën
4. De organisatie en inhoud van het onderwijs
Groeperen van de leerlingen
Onderwijskundige doelen
Actief burgerschap en sociale integratie
De vakgebieden
5. De zorg voor kinderen
Hoe volgen wij alle leerlingen?
Speciale zorg voor leerlingen
Passend onderwijs
Educatief centrum
Ontwikkelingsperspectief
Leerlinggebonden financiering
Excellente leerlingen
Meertalige leerlingen
Begeleiding naar het Voortgezet onderwijs
6. Het personeel
De schoolcultuur
Aansturing, rollen en verantwoordelijkheden
Personeelsbeleid
Opleiden in de school
Leerkrachten en verlof
Arbeidsomstandigheden en
Veiligheidsbeleid
7. De relatie met de ouders
Communicatie en informatie
Gemeenschappelijke
medezeggenschapsraad
Medezeggenschapsraad-
Schoolraad
Oudervereniging
De klachtenregeling
Verzekeringen
Sponsorbeleid
8. De ontwikkeling van het onderwijs op onze school
Kwaliteitszorg, onze gezamenlijke
verantwoordelijkheid
Opbrengstgericht werken
Jaarverslag 2010-2011
Jaarplan 2011-2012
9. De resultaten van het onderwijs
Kwaliteitszorg
Het CITO-leerlingvolgsysteem
Tussenresultaten
Entreetoets groep 7
Eindtoets basisonderwijs
Niveautoets
Resultaten eindtoets basisonderwijs
Uitstroomgegevens
10. Schooltijden en regelingen
Schooltijden
Verplichte onderwijstijd
Verbreding school
Tussen- en buitenschoolse
opvang
Huisvesting
Traject schooltijden
Aanmelden van leerlingen
Verlof
Schorsing en verwijdering
11. Namen, adressen en connecties
Bijlage op de website
Voor u ligt de nieuwe schoolgids van Basisschool De Meerhoef. Deze gids is bestemd voor u als ouders van leerlingen van De Meerhoef en voor alle anderen die geïnteresseerd zijn in onze school. We vinden het belangrijk dat ouders weten en begrijpen waar De Meerhoef voor staat en welke keuzes de school maakt.
In onze professionele zorg voor kwaliteit van het onderwijs en de ondersteuning van het opgroeiende kind in de basisschoolfase, beschouwen we het opbrengstgericht werken als een vanzelfsprekende grondhouding om het beste uit ieder kind te halen.
Aangezien de school sterk verbonden is met de
samenleving, zien we het als een belangrijke
opdracht om in te spelen op een brede toerusting en vorming van de leerlingen. De maatschappelijke verantwoordelijkheid die de school hierin naar ons idee heeft, dient om het referentiekader van de leerlingen te verrijken door het onderwijs en opvoedingsaanbod zo in te vullen dat het kind het zicht op de werkelijkheid uitbreidt.
De aandacht voor waardenoriëntatie
beschouwen we dan ook vanuit de visie dat
onderwijs en leren een proces is van "het
inleiden in betekenissen" dat leerlingen toerust
tot zelfstandig en zelfverantwoordelijk denken en handelen.
We willen kinderen ondersteunen in het leren omgaan met ingewikkeldheid, met een appèl op zelfsturing om eigen verantwoorde keuzes te leren maken, gericht op hun 'eigen in de wereld'
staan. De school als gemeenschap kan als veilige oefenplaats hieraan dus een belangrijke bijdrage leveren.
Wij zien dit dan ook als het hart van onze pedagogische opdracht.
Als school willen we ons eigen beleid maken en inspelen op actuele vragen en ontwikkelingen in onze omgeving. We lichten in deze schoolgids onze beleidskeuzes toe en verduidelijken hoe we ernaar streven voor elk kind een passend onderwijsaanbod te organiseren.
We beschouwen deze gids als een kennismaking met onze bedoelingen en tevens als een uitnodiging om daarover met ons in gesprek te gaan om betrokkenheid tussen ouders en school te optimaliseren. In de jaarkalender vindt u praktische zaken en data. Daarnaast kunt u op onze website diverse regelingen lezen.
Namens het team van BS De Meerhoef,
Annemieke van den Heuvel
Directeur.
Een schets van de school
Basisschool De Meerhoef is één van de 18 scholen behorende bij de stichting Veldvest.
De Meerhoef is een katholieke school en in het kader van de wet een zogenaamde 'bijzondere school'. Onze school is gelegen in de wijk Meerveldhoven, die ongeveer 2400 inwoners telt. Daarvan bestaat 25 % uit gezinnen met kinderen. Van de inwoners bestaat 13% uit kinderen van 0-15 jaar. Het is de enige basisschool in de wijk.
De leerlingenpopulatie van De Meerhoef bestaat
voornamelijk uit kinderen die wonen in de
wijken Meerveldhoven (50%) en d‘ Ekker (43%). Veel familieleden van de huidige doelgroep leerlingen hebben zelf de school in hun jeugd bezocht.
De Meerhoef is gehuisvest in een karakteristiek hoofdgebouw (1956), met een daarnaast gelegen semi-permanent gebouw.
Met ingang van 1 oktober 2011 a.s. telt onze school 290 leerlingen. We formeren 12 groepen. Het gemiddeld aantal leerlingen per groep is 24 (aan de start) en 25 (einde van het jaar.)
Op De Meerhoef zijn alle leerlingen welkom. We zien de onvoorwaardelijke acceptatie van kinderen als onze vanzelfsprekende maatschappelijke verantwoordelijkheid.
Het individuele kind met eigen unieke mogelijkheden en talenten beschouwen wij als het centrale uitgangspunt voor ons onderwijs. Onze school kent een enthousiast, gemotiveerd team van leerkrachten.
De directie van de school draagt gezamenlijk
verantwoordelijkheid voor basisschool De
Meerhoef en basisschool Cobbeek, waarbij Annemieke van den Heuvel eerste aanspreek- punt is voor team en ouders op BS De Meerhoef en Noud Moeskops dit is voor BS Cobbeek.
We zoeken in alle lagen van de organisatie nadrukkelijk naar verbinding tussen de twee scholen.
Op deze wijze maken we gebruik van elkaars opgebouwde expertise en versterken we de kwaliteit. Meer hierover kunt u lezen in hoofdstuk 8.
Als school merken we de veranderende rol van het gezin in de samenleving. Dat vraagt om herbezinning voor wat betreft thema's als kinderopvang, verbreding van de school met dagarrangementen van voor-, tussen- en naschoolse opvang in relatie tot de huisvesting. Een heroriëntatie op de schooltijden staat daarom de komende periode centraal op onze agenda. De mening van ouders wordt hierin zorgvuldig betrokken. Meer hierover leest u in hoofdstuk 10.
Stichting Veldvest
Het bestuur van de school is in handen van stichting Veldvest. Veldvest bestaat sinds 1999 en is het bevoegd gezag van 16 basisscholen,
1 speciale school voor basisonderwijs en
1 school voor speciaal onderwijs. De scholen
bevinden zich in het gebied Veldhoven, Vessem,
Steensel, Wintelre en Knegsel. Zij hebben een katholieke, protestants-christelijke of algemeen bijzondere grondslag.
Bestuurlijke organisatie
Stichting Veldvest heeft een eenhoofdig College
van Bestuur dat toezichthoudend en
beleidsvormend te werk gaat. Het beleid en de
doelstellingen van de stichting komen in
samenspraak met de schooldirecteuren tot
stand. Het bestuur bewaakt de kaders en zorgt ervoor dat er planmatig wordt gewerkt. De directeuren zijn resultaatverantwoordelijk voor de gang van zaken op de scholen en werken met managementcontracten.
De Raad van Toezicht beoordeelt het beleid van
de stichting en controleert of middelen
doelmatig en rechtmatig worden ingezet.
De RvT kan vanuit aanwezige deskundigheid het
bestuur ook van advies voorzien. De leden van
de raad zien er op toe dat het bestuur
strategisch weloverwogen en maatschappelijk
verantwoorde beleidskeuzes maakt.
De stafafdeling van Veldvest is ondergebracht op besturenbureau Kempenland en bestaat uit twee bestuursadviseurs met de portefeuilles financiën en personeel, een secretariaat, een afdeling huisvesting en de inzet van op projectbasis geschoold personeel.
Deze functionarissen adviseren enerzijds het bestuur ten aanzien van beleidsvoorbereidende processen. Anderzijds verlenen zij onder steunende en adviesdiensten aan de scholen. Tevens houden de bestuursadviseurs toezicht op de beleid(uit)voering ten aanzien van de volgende bedrijfsonderdelen: onderwijs/ kwaliteit, financiën, personeel en organisatie, ICT, facility management, communicatie, ondersteuning.
Meer informatie over de Stichting kunt u vinden op www.veldvest.nl

Op BS De Meerhoef heerst een opbrengst gerichte cultuur op school, groeps en leerlingniveau, waarbij veel zorg en aandacht wordt besteed aan goede leerprestaties.
De leerkrachten hebben hoge verwachtingen van leerlingen en stellen daarom vooraf voldoende ambitieuze doelen. De leerkrachten laten hun leerlingen niet alleen merken of zij hun werk goed hebben gemaakt, maar geven ook
feedback op de manier waarop zij tot
uitkomsten of prestaties zijn gekomen.
Daarnaast houden zij rekening met verschillen tussen leerlingen door de leerstof en instructie af te stemmen op ieders capaciteiten.
De leerkrachten bieden 'passend onderwijs' door te werken met het model 'directe instructie'. Zij zorgen er voor dat de groep als geheel zoveel mogelijk bij elkaar blijft dmv
convergente differentiatie.
Wanneer een leerling leerachterstand heeft of
oploopt, volgt uitgebreidere analyse en hulp.
Dit alles heeft een positief effect op de
leeropbrengsten van individuele leerlingen en
daarmee op de opbrengsten van de gehele
school.
Door leerlingen te ondersteunen in het nemen van verantwoordelijkheid voor het eigen leerproces en door oog te hebben voor hun specifieke talenten kan het beste uit iedereen gehaald worden. Leerlingen hebben daar recht op en daarbij dienen geschikte middelen te worden gebruikt. Dat ict-toepassingen daarbij een nog prominentere rol zullen gaan spelen is duidelijk.
Als school, als medeopvoeders, vinden we het belangrijk met kinderen in gesprek te gaan over hun voorkeuren, opvattingen en belevingen. We willen kinderen begeleiden in het leren maken van keuzes en het leggen van verbanden tussen hun persoonlijke waarden en waarden die ze meekrijgen in de groep, het gezin, of op school. We willen kinderen leren de bereidheid te krijgen om eigen oordelen tot onderwerp van gesprek te maken. Zo leren ze steeds beter hun 'eigen in de wereld staan' en hun eigen zin- en betekenisgeving te doorgronden. Op deze wijze helpen wij kinderen in hun groei en ontwikkeling tot compassievolle, verantwoordelijke mede- mensen. Deze waardenoriëntatie zien we dan ook als een 'waardevolle pedagogische opdracht'.
Vragen die we daarbij van belang achten, zijn:
· Kennis is belangrijk om als stevige basis
mee te geven, maar hoe kunnen we
hiermee betekenisvoller omgaan?
·Hoe verhoudt de school zich tot
maatschappelijke ontwikkelingen?
· Hoe komen we tot een evenwichtige balans tussen kennis en andere doelen en vaardigheden?
Pedagogische doeloriëntatie en schoolprofilering
Afgelopen schooljaar heeft het team visie-
elementen geformuleerd, die we zien als
richtinggevers om te komen tot specifiekere
kernwaarden voor onze school. We gebruiken
deze om in de komende periode te groeien naar
een herziene visie ten behoeve van een onderscheidende schoolprofilering en onze pedagogische doeloriëntatie.
Als school willen we laten zien waar we voor staan, wat we belangrijk vinden om kinderen mee te geven en hoe we ons verhouden tot de invloed van de externe ontwikkelingen die op ons af komen.De onderstaande uitspraken beschouwen we als dragende waarden van De Meerhoef die richting geven aan ons werk binnen de school en de omgang met elkaar.
Deze waarden dienen normatief gebruikt te worden als indicaties voor ons handelen:
• de noodzaak van opbrengstgericht werken als basis wordt onderkend
• de teamcultuur kenmerkt zich als positief kritisch, open en kwetsbaar waarbij transparante communicatie en gezamenlijke verantwoordelijkheid als vanzelfsprekend worden beschouwd
• alle kinderen zijn welkom en worden gewaardeerd, waarbij begrippen als authenticiteit (je mag zijn wie je bent), acceptatie, kwetsbaarheid en veiligheid centraal staan
• we hanteren gezamenlijke afspraken en
regels vanuit een positieve benadering naar kinderen met ruimte voor emoties
• het gesprek met de leerling staat centraal
• het oplossend- en zelfsturend vermogen van de leerlingen wordt gestimuleerd
• communicatie is gericht op het vergroten van betrokkenheid tussen ouders en school
• er is partnersamenwerking met externe betrokkenen, waarbij school regie voert.

Met betrekking tot de geschetste kernwaarden
speelt de school als gemeenschap een
belangrijke rol als veilige 'oefenplaats' ten
behoeve van de identiteitsontwikkeling van de
leerlingen.
Wij streven naar een kindprofiel, waarvan de hieronder genoemde basis- competenties deel uit maken:
Een leerling die BS De Meerhoef na 8 jaar onderwijs verlaat.....
•heeft een cognitief niveau dat passend is bij zijn/haar mogelijkheden
•kan oplossingsgericht denken en handelen
•is zich bewust van eigen kwaliteiten en ontwikkelpunten
•heeft een positief en reëel zelfbeeld
•toont eigenheid, authenticiteit
•is weerbaar, kan voor zichzelf opkomen
•neemt initiatief
•is sociaal vaardig, op basis van
zelfvertrouwen
•is communicatief vaardig
•is nieuwsgierig naar de ander en het
andere, gericht op diversiteit
•heeft positieve ervaringen opgedaan op De Meerhoef en kijkt met een goed gevoel terug op een prettige basisschoolperiode.
We gaan uit van doelen en inhouden die recht doen aan de drie leertheoretische benaderingen die binnen Veldvest een rol spelen. Deze leertheoretische stromingen hebben betrekking op het optimaliseren van de leeropbrengsten, de betrokkenheid bij het leerproces van leerlingen en hun morele ontwikkeling.
We spreken van het empirisme, het
constructivisme en het cultureel leren.
In de ideale situatie trachten de leerkrachten
deze theorieën in een verantwoord evenwicht
toe te passen. Deze theoretische bagage van de
leerkracht vormt het instrumentarium waarvan
de leerling direct profiteert vanwege de rijke,
gevarieerde en genuanceerde kijk op elke
leerling.
•De empiristische leertheorie: Kennis- overdracht
Hier gaat het om ‘harde kennis' met betrekking tot vakken als rekenen en taal, gericht op opbrengsten. De instructie is bedoeld om de leerling in praktijksituaties te brengen waarin het geleerde wordt toegepast. Veel scholen richten zich op deze theorie. Het methodisch aanbod is veelal daarop gebouwd.
•De constructivistische leertheorie: Het leren leren
Het gesprek met de leerling staat centraal. Leren wordt beschouwd als een actief, constructief proces met nadruk op het 'leren leren': samenhangende informatie leren verwerven en gebruiken, problemen op systematische wijze en inzichtelijke wijze leren oplossen.
De leerkrachten streven hierbij naar een rijke
leeromgeving, waardoor leerlingen gestimuleerd worden tot zelfstandig en uiteindelijk
zelfsturend leren.
•Cultureel leren: Waardenoriëntatie
We willen leerlingen toerusten en uitdagen tot
de keuze van een eigen waardenoriëntatie. Het
regelmatig voeren van reflectiegesprekken is
daarbij van belang, zodat de leerlingen zich
bewust worden van hun keuzes en handelen.
Als we het eens zijn over fundamentele waarden, ligt in de uitvoering hiervan ruimte voor individuele uitwerking en kan bekeken worden welke gedragsnormen daarbij passen. Via deze leertheorie leggen we tevens de relatie met Burgerschapsvorming.

Dit schooljaar hebben we 12 groepen geformeerd. De leerkrachten werken samen in drie clusters: onderbouw groepen 1-2, middenbouw groepen 3 t/m 5, bovenbouw groepen 6 t/m 8. De laatste jaren is er veelvuldig discussie geweest over het groeperen van de leerlingen in heterogene of homogene samenstellingen. In ons onderzoek naar de kwaliteitsverhoging van de leeropbrengsten hebben we gemerkt dat het zinvol is om hier afhankelijk van het leerstof- aanbod flexibeler mee om te gaan. In het kader van het 'opbrengstgericht werken' is voor het geven van instructie een homogene samenstelling te prefereren. Voor andere onderwijsdoelen kan op bepaalde momenten een heterogene samenstelling meer gewenst zijn.
We zullen dus passend bij het leerstofaanbod
trachten meer te variëren in homogene of
heterogene groepering.
We bekijken dit zowel onderwijskundig als pedagogisch:
•Onderwijskundig: homogeen (empiristisch aanbod, betreft de cursorische vakken rekenen, taal en lezen)
•Pedagogisch: heterogeen (andere 2 leertheorieën, de wereldoriënterende en expressieve vakgebieden)
Leerkrachten zullen hierover zorgvuldig gezamenlijk blijven afstemmen en onderzoeken. Zo ontwikkelen we raamleerplannen waarin
vakgebieden op samenhangende wijze geïntegreerd worden via vakoverstijgende thema's.
Onze onderwijskundige doelen zijn gebaseerd op de kwaliteitscriteria die de overheid hanteert en op de criteria die wij zelf hanteren, uitgaande van onze visie. Bij het concretiseren van deze doelen richten we ons op de vraag wat deze betekenen voor de organisatie van de school en het handelen van de leerkracht. Zorg voor ononderbroken ontwikkelingslijnen In de afgelopen periode hebben wij voor een aantal vakken doorgaande leerlijnen uitgezet met het accent op taal, lezen en rekenen. Met name door de inzet van 'expertgroepen' van leerkrachten in deze 3 vakgebieden ontstaat meer samenhang en is continuïteit herkenbaar. Aanpak en inhoud worden afgestemd. Ook wordt in de planning van het leerstof- aanbod beter afgestemd op de toetsen uit het leerlingvolgsysteem.
Al lange tijd werkt het primair onderwijs met kerndoelen. Deze zijn te beschouwen als aanbodsdoelen, waarbij het gaat om een inspanningsverplichting voor scholen. Ze zeggen dus niets over het beheersingsniveau dat leerlingen moeten halen en ook niet over de effectiviteit van het aangeboden onderwijs. De toegenomen maatschappelijke zorg over de basiskennis en -vaardigheden is aanleiding geweest om zogenaamde referentieniveaus in te voeren. Deze geven aan welk beheersingsniveau van leerlingen wordt verwacht. Daarnaast moeten referentieniveaus zorgen voor een betere aansluiting in doorlopende leerlijnen, tussen voorschoolse educatie, primair en voortgezet onderwijs. In de komende jaren worden stapsgewijs de nieuwe referentieniveaus ingevoerd. We zien dit als een kans om beter na te denken over welke cognitieve vaardigheden we anders, beter en efficiënter moeten aanbieden, m.a.w. wat doen we waarom op een empiristische manier. Voor welke referentieniveaus benutten we de vrije ruimte en op welke manier gaan we het aanbod inrichten.
We zien dat de problemen met betrekking tot de integratie van minderheden toenemen. De tolerantiegraad met betrekking tot het toelaten en kunnen omgaan met vreemdheid lijkt te verminderen. De overheid constateert dit ook. Dit heeft voor de scholen geleid tot het leveren van een bijdrage aan 'Actief Burgerschap en sociale integratie'. Het bevorderen van Actief Burgerschap in het onderwijs heeft daarom een aantal maatschappelijke doelen:
•het opdoen van (positieve) ervaringen met het dragen van verantwoordelijkheid;
•initiatief, besluitvorming, tot nut zijn van
een gemeenschap;
•het zich oriënteren op de eigen groep,
school, omgeving, maatschappij;
•deelnemen aan een gemeenschap en het
functioneren in intermenselijke verhoudingen buiten die van leraar - leerling.
De kinderen die onze school bezoeken, maken
uiteraard ook deel uit van de maatschappij en
doen ook daar dus informatie op.
De maatschappelijke verantwoordelijkheid die
wij als school voelen, is tweeledig. Wij willen de
ervaringswereld van de leerlingen uitbreiden
door het aanbieden van een rijk onderwijs- en
opvoedingsaanbod. Aan de andere kant dienen
de leerlingen steeds beter in staat te zijn hun eigen kijk op de wereld te doorgronden en te verantwoorden. Als school werken we aan de vorming van leerlingen tot betrokken burgers.
'Burgerschap' is daar het nieuwe sleutelwoord. Wij willen uitdragen dat we het belangrijk vinden dat kinderen leren omgaan met mensen die een
andere achtergrond, cultuur of levensovertuiging hebben. De projectgroep 'Maatschappelijke oriëntatie' draagt zorg voor de praktische vertaling van 'Burgerschapsvorming' waarbij de verantwoordelijkheid van leerlingen centraal staat. (zie ook hfdst.8.)
De leerkrachten maken gebruik van verschillende methoden om de leerstof doelgericht en via een doorgaande lijn aan te bieden.
In de groepen1-2 wordt gewerkt aan de ruimtelijke ordening en ruimtelijke relaties, taal- en rekenbegrippen, meetactiviteiten, oriëntatie
in de tijd en ontwikkeling van getalbegrip. Er wordt gebruik gemaakt van diverse bronnen en hulpmiddelen om de belangstelling voor de geschreven taal bij de leerlingen te wekken en vaardigheden te ontwikkelen. Dat gebeurt bijvoorbeeld door het aanbieden van prentenboeken, rijmen, letters, dramavormen en diverse ingerichte 'hoeken'.
Methoden die in 1-2 worden gebruikt zijn:
| Rekenen | Wizwijs |
| Taal | Kansrijke taal, Fonemisch bewustzijn |
| Levensbeschouwing | Hemel en aarde |
In de groepen 3 t/m 8 gebruiken we de volgende methoden:
| Lezen | Veilig Leren Lezen (gr. 3) Estafette |
| Begrijpend Lezen | Nieuwsbegrip XL |
| Schrijven | Schrijftaal |
| Rekenen en Wiskunde | Pluspunt |
| Nederlandse taal | Taal in beeld |
| Spelling | Spelling in beeld |
| Engels | Bubbles |
| Levensbeschouwing | Hemel en aarde |
| Aardrijkskunde | Geobas |
| Geschiedenis en maatschappelijke verhoudingen | Bij de Tijd School t.v.-weekjournaal |
| Natuur en techniek | Leefwereld Nieuws uit de natuur |
| Verkeer | Verkeerskrant VVN Stap vooruit (groep4) Op voeten en fietsen (groep 5 t/m 7) |
| Expressievakken | Teken- Hand en Textielvaardig |
| Lichamelijke opvoeding | Basislessen bewegingsonderwijs |
Burgerschapsvorming
De projectgroep "maatschappelijke oriëntatie"
onderzoekt in hoeverre we burgerschapsvorming in een breed perspectief kunnen
aanbieden.
Meer informatie hierover kunt u lezen in
hoofdstuk 3 en 8.
Levensbeschouwing
De Christelijke traditie beschouwen we als een
inspiratiebron, waarbij verantwoordelijkheid, hoop, genade en schepping belangrijke kernwaarden zijn. Leerlingen laten we echter zoveel mogelijk vrij in hun uiteindelijke keuzes en plaatsbepaling.
Muzikale vorming
Op school hebben wij een vakleerkracht muziek,
die in de groepen 3 t/m 8 een aantal lessen (in
blokken) verzorgt. De overige muzieklessen verzorgen de leerkrachten zelf. Belangrijke aspecten zijn: zingen, bewegen op muziek en gebruik van muziekinstrumenten.
Lichamelijke opvoeding
In de groepen 1-2 wordt dagelijks bewegings-
onderwijs gegeven in de speelzaal of buiten.
Lessen zijn verdeeld in oefenvormen (veelal met
toestellen) en spellessen (tikspelen en voorbe-
reidende spelen voor handbal, basketbal e.d.).
Meer informatie over de gymlessen/- tijden van de groepen 3 t/m 8 is te vinden op onze kalender
Schoolzwemmen
Vanaf groep 4 gaan alle groepen acht weken schoolzwemmen in zwembad Den Ekkerman,
gebaseerd op een cyclus van 8 lessen. Op deze manier kunnen de leerlingen jaarlijks hun vaardigheid op het gebied van zwemmen bijhouden.
Het gebruik van computers
Ict-toepassingen spelen een steeds prominentere rol in ons onderwijs. Diverse methoden bieden een individuele,
zelfstandige verwerking op de computer aan.
De meeste computers staan in centrale ruimten,
zodat leerlingen uit de diverse groepen er
gebruik van kunnen maken. Langzaamaan maakt ook het traditionele schoolbord plaats voor de zogeheten 'digiborden'. Deze bieden rijke onderwijstoepassingen.
Het bieden van goede zorg aan alle leerlingen staat centraal in onze school. Als de leerlingen zich prettig en gesteund voelen, is dit een stimulans voor hun leerprestaties. Wij stellen ons ten doel de zorgstructuur op schoolniveau, inclusief het leerlingvolgsysteem en het werken met groepsplannen, telkens bij te stellen en te verbeteren. Dit leidt tot een betere omgang met differentiatie en afstemming binnen de groep. We streven ernaar het schoolbeleid systematischer af te stemmen op de analyse van leerresultaten. Het pedagogisch-didactische proces wordt versterkt om leerachterstanden te voorkomen of tijdig op het spoor te komen om deze aan te pakken.
We volgen de ontwikkeling van een kind op basis van het model van de '1-Zorgroute'. Via de dagelijkse observaties van de leerlingen krijgt de leerkracht al veel informatie met betrekking tot vragen als:
•Hoe voelt het kind zich in de groep?
•Welke leerstof beheerst het kind al?
•Waar heeft hij/zij moeite mee?
•Vindt het kind voldoende uitdaging in wat hij/zij aangeboden krijgt?
•Hoe pakt het kind de opdrachten aan?
•Hoe verlopen de contacten met zijn/haar groepsgenoten?
•Wat doet het kind zelfstandig, waar heeft het hulp bij nodig?
Observaties en gegevens uit proefwerken en toetsen gebruiken leerkrachten om hun begeleiding en het onderwijsprogramma zo goed mogelijk af te stemmen op wat het kind nodig heeft. Doordat leerkrachten op onze school samenwerken in clusters kennen ze de kinderen van de clustergroepen goed. Met elkaar bespreken ze welke zorg elk kind nodig heeft. Daarbij maken ze gebruik van elkaars expertise en kunnen ze komen tot gedeelde zorg voor iedere individuele leerling.
Groepsplannen worden vier keer per jaar door de leerkrachten samengesteld. In dit plan worden aan de hand van verzamelde gegevens de lesdoelen en het onderwijsaanbod voor die periode vastgelegd. De afstemming van het onderwijs op de didactische en pedagogische onderwijs- behoeften van de leerlingen staat centraal. Aan het einde van de looptijd van een groepsplan, volgt de evaluatie op product en proces met vragen als: Wat is de stand van zaken? Wat is bereikt? Wat niet en waarom niet? Welke vervolgstappen zijn nodig? Wat betekent dit voor het onderwijs in de komende periode? Op basis hiervan wordt een nieuw groepsplan samengesteld.

Onze school volgt systematisch de ontwikkeling
van de leerlingen. We maken daarbij onder meer gebruik van methodeonafhankelijke, gestandaardiseerde toetsen van Aarnoutse en het Cito - leerlingvolgsysteem (LVS).
Daarnaast worden de toetsgegevens gebruikt
om ons onderwijs te evalueren en bij te stellen.
In het afgelopen schooljaar hebben we het
nieuwe systeem 'ParnasSys' in gebruik genomen. Dit is een administratief systeem waarin gegevens van de Aarnoutse en Cito- toetsen en de leerlingenadministratie gekoppeld opgenomen zijn. Met ingang van schooljaar 2011- 2012 wordt
voor alle scholen van Veldvest hieraan het
programma 'Zien' toegevoegd. Dit is een
instrument om de sociaal emotionele
ontwikkeling van de leerlingen te volgen.
Alle leerlingen krijgen drie keer per jaar een
rapport (in groep 8 twee keer). Deze rapportage
geeft een beeld van de inzet, werkhouding en
leervorderingen van het kind. Hierbij volgen we de leerpatronen van kinderen vanuit de drie leertheorieën zoals beschreven in hoofdstuk 3. Bij deze rapportage betrekken we tevens recente overzichten van toetsgegevens van het Cito- leerlingvolgsysteem.
Rapportgesprekken
Na het uitreiken van het eerste en het tweede
rapport vinden gesprekken plaats met de
ouders. De leerlingen krijgen het rapport enkele dagen van tevoren mee naar huis, zodat de ouders de tijd hebben dit te bekijken en met vragen en opmerkingen naar het gesprek
kunnen komen. Op initiatief van de leerkracht of de ouders, kan ook over het derde rapport een
gesprek gepland worden.
Sinds 1 augustus 2003 geldt in Nederland een andere regeling voor het onderwijs aan leerlingen met een handicap of leer- en/of ontwikkelingsproblematiek. Kern van het beleid is dat zij zo veel mogelijk naar reguliere basisscholen gaan (Weer Samen Naar School). Deze integratiegedachte wordt nog verder uitgebouwd door de invoering van 'Passend Onderwijs' door de overheid. Passend Onderwijs betekent dat elke school 'zorgplicht' krijgt en verantwoordelijk wordt om ieder kind met een speciale behoefte een passend leerarrangement aan te bieden, al dan niet in samenwerking met een school voor speciaal basisonderwijs of dat de reguliere school de regie voert over een speciaal (leer)arrangement. Veldvest heeft in de afgelopen periode veel ervaring opgedaan met deze innovatieve gedachte. Gebleken is hoe belangrijk realistische doelen zijn: het gaat om onderwijs op maat voor alle leerlingen waarbij telkens opnieuw zorgvuldig dient te worden afgewogen welke oplossingen per context haalbaar en aantrekkelijk zijn. Onze leerkrachten zijn zeer betrokken bij de doelstelling van passend onderwijs en zij koppelen deze verantwoordelijkheid aan een inspanning om de kwaliteit van het onderwijskundig handelen uit te breiden en te verbeteren. Dit betekent dus dat de invoering van passend onderwijs een procesmatig karakter kent. Gegeven de al geleverde inspanning zullen we streven naar een verbreding en verdere consolidatie van de huidige praktijken waarbij scholen van elkaars ervaringen kunnen leren.
Sinds september 2010 is het zogenaamde 'educatief centrum' binnen Veldvest van start gegaan. Het centrum beoogt de zorgstructuur binnen scholen van Veldvest op een effectievere wijze te organiseren en wil de leerkracht ondersteunen bij hulpvragen die in zijn of haar groep actueel zijn. Het educatief centrum sluit aan bij de ontwikkelingen rondom 'Passend Onderwijs'. Hierbij komt het er in de kern op neer dat elke leerling een passend onderwijs- aanbod krijgt, zoveel mogelijk binnen het regulier onderwijs. Het streven van Veldvest is om de zorg zo dicht mogelijk in de leefomgeving van het kind beschikbaar te stellen. Daar waar externe deskundigheid nodig is, moet die ingehuurd worden, maar waar mogelijk moet de zorg zoveel mogelijk door professionals binnen de eigen school of organisatie geleverd worden. Binnen Veldvest is een groot potentieel aan deskundigheid en expertise beschikbaar. Het is de bedoeling dat in het centrum steeds meer expertise beschikbaar en samengebracht wordt. In de toekomst moeten in het centrum alle verschillende aspecten van zorg gebundeld worden, zodat zorg niet versnipperd voor handen is, maar centraal.
Voor die leerlingen, die op één of meer vakgebieden een eigen leerlijn volgen, wordt het uitstroomniveau nauwgezet gevolgd via het ontwikkelingsperspectief. De vorderingen hierop worden op een aparte bijlage bij het rapport beschreven.
Wanneer een leerling een gediagnosticeerde problematiek heeft, kan deze in aanmerking komen voor leerlinggebonden financiering (LGF), het zgn. "rugzakje". Het zijn de ouders die een rugzak kunnen aanvragen. Deze kan in het regulier of speciaal onderwijs worden ingezet. In dit rugzakje zitten financiële middelen waarmee, als de ouders daarvoor kiezen, de leerling onderwijs kan volgen geïntegreerd op een reguliere basisschool. In onderling overleg, met ondersteuning van externe deskundigen, stellen school en ouders een handelingsplan op om het onderwijs af te stemmen op het kind. Onze school staat open voor alle leerlingen. De afweging om een kind wel of niet op een reguliere school te plaatsen, vraagt om zorgvuldig overleg tussen ouders, de reguliere- en eventueel de speciale school. Op onze website staat de toelatingsprocedure.

Het signaleren van deze leerlingen is niet eenvoudig omdat (hoog)begaafdheid niet altijd blijkt uit schoolprestaties. Binnen ons samenwerkingsverband loopt een Pilot-project voor excellente leerlingen, waar praktische en theoretische expertise wordt opgedaan op dit gebied. Het project is ondergebracht bij Veldhoven Midden en staat open voor leerlingen van alle scholen binnen ons samenwerkingsverband. Om meerbegaafde of excellente leerlingen goed in beeld te brengen en aansluitend zoveel mogelijk passende begeleiding te kunnen bieden, maken we gebruik van het Digitaal Handelingsprotocol Hoogbegaafdheid. Voor deze leerlingen is het van belang dat ze voldoende uitdaging houden. Daarom bieden we leerstof uit de bestaande methoden vaker versneld en/of kernachtig aan en in samenwerking met de projectgroep zoeken we naar verrijkend aanbod en activiteiten.
Een adequate beheersing van het Nederlands als schooltaal/instructietaal is vooral voor de aansluiting van meertalige kinderen op het onderwijs in Nederland essentieel. Leerlingen op onze school die het Nederlands minder goed beheersen, krijgen een aanvullend aanbod Nederlands, afgestemd op hun eigen niveau. Indien nodig gaan anders- of meertalige leerlingen direct na aanmelding een periode naar een schakelklas.
Al in groep 7 wordt een start gemaakt met de voorbereiding naar een passend advies voor het Voortgezet Onderwijs.
In groep 8 krijgen ouders en leerlingen op verschillende momenten in het schooljaar voorlichting ten behoeve van de schoolkeuze.Onze school geeft een advies gebaseerd op:
•leerlinggegevens die de ontwikkeling
aangeven vanuit het leerlingvolgsysteem;
•de resultaten van de Cito-eindtoets;
•verslagen en observaties van de
schoolloopbaan van de leerling;
•aanvullende toetsen en/of onderzoeken;
•de voorkeur en wensen van leerling en
ouders;
Met ingang van dit schooljaar worden alle leerlingen van groep 8 daarnaast door een externe instantie getoetst m.b.v. de NIO (intelligentietest) en de NPV-J (instrument tbv sociaal-emotionele ontwikkeling). Gegevens daaruit worden in de advisering meegenomen.
Na aanmelding door de ouders bij een school voor Voortgezet Onderwijs, wordt het onderwijskundig rapport met het schooladvies doorgegeven aan de toelatingscommissie van de ontvangende school. Wij onderhouden regelmatig contact met het Voortgezet Onderwijs, zowel voorafgaand aan plaatsing, alsook door middel van terugkoppeling van de resultaten van de leerlingen.

De schoolcultuur van De Meerhoef beschouwen we als de samenhang en wisselwerking tussen rollen, relaties, waarden en structuren. Iedere medewerker probeert een goede invulling te geven aan de eigen rol om zo een bijdrage te leveren aan de school als geheel.
Professionele groei veronderstelt een toenemende vertrouwdheid met de waarden van de
organisatie en stimuleert tot het aangaan van
strategische relaties met collega's om de
praktijk te scheppen. Professionaliteit, zelfsturend leren en transformatief leiderschap zijn daarbij leidende principes.
• Professionaliteit veronderstelt de bereidheid en het vermogen om te denken en te handelen in het kader van het geheel. Optrekken in gezamenlijkheid is een aantrekkelijk perspectief. Leerkrachten worden hierbij uitgenodigd om mee te denken, bij te dragen, verantwoordelijkheid te nemen voor de school als geheel.
• Zelfsturend leren geeft antwoord op wezenlijke vragen van de organisatie, leidinggevenden en medewerkers vanuit een
visie op leren, die aansluit bij de diepere drijfveren en motieven van de mensen uit de organisatie.
Het is een vorm van leren, waar bij ontwikkelingsvragen en werkervaringen direct gerelateerd worden aan theoretische inzichten en praktijkvoorbeelden. Bij het leren op het individuele niveau gaat het om het actief aangeven van persoonlijke leerprocessen in werksituaties én om het veranderen van persoonlijke omstandigheden die het concrete handelen belemmeren. Het is uitdagend, opbouwend omdat het direct aansluit bij wat mensen werkelijk bezielt en beweegt. De aanpak is gericht op gemeenschappelijke ervaringen, inzichten, visies, waarden en normen als leidraad voor gezamenlijke ontwikkeling.
In de aansturing richten we ons op het principe van transformatief leiderschap. Dit is een stijl van leidinggeven waarbij mensen worden uitgedaagd tot veranderen en tot het nemen van eigen verantwoordelijkheid. Het bevorderen van deze leiderschapspraktijk in scholen, waarbij bovendien het leiderschap gespreid of verdeeld wordt over meerdere leden van de school is van groot belang voor het verbeteren van scholen. Leidinggeven op verschillende niveaus achten we dus cruciaal voor het welslagen van onze ambities en het behoud van ons kwaliteitsbeleid en wordt opgevat als een kenmerk van onze organisatie.
De overkoepelende aansturing voor beide scholen Meerhoef en Cobbeek blijven we continueren en richten op integraal personeelsbeleid, strategisch beleid, onderwijskundig beleid, kwaliteitszorg en bedrijfsvoering.
Beide directieleden zijn eindverantwoordelijken.
Het Strategische Team (ST) is gericht op diverse
speerpunten van beleid, zorg, communicatie en
ondersteuning van leerkrachten. De collega's van het ST zijn verbonden aan clusters. Daarnaast hebben zij strategisch overleg met de directie en het ST van Cobbeek.
In het kader van de verscherpte blik op het
'opbrengstgericht werken' blijft de focus van de
aansturing in hoofdzaak op het primaire leerproces gericht en op ondersteuning van de leerkrachten daarin.
Professionalisering blijft ook dit schooljaar
voornamelijk gericht op verbeterlijnen uit het
verbeterplan voor de leeropbrengsten. Diverse
teamleden blijven participeren in de
expertgroepen voor verschillende vakgebieden taal, rekenen, lezen. Daarnaast zal een tweetal nieuwe projectgroepen met leerkrachten gestart worden.
Onze school voert een integraal personeelsbeleid waarbij de volgende doelen centraal staan:
•het creëren van goede arbeidsvoorwaarden en een duidelijke rechtspositionele basis die zekerheid biedt en perspectieven geeft;
•het bevorderen van een goede werksfeer en een goed werkklimaat waarin het personeel tot zijn recht komt, zich geaccepteerd en veilig voelt en waar samenwerking bevorderd wordt;
•sturen op een effectieve inzet van mensen
ten behoeve van het verzorgen van
kwalitatief goed onderwijs;
•het permanent uit laten gaan van appèl op
professionaliteit gericht op het leveren van een structurele bijdrage aan het geheel van de stichting en de school vanuit zelfsturing.
We besteden veel aandacht aan de ontwikkeling en competenties van de leerkrachten. We gaan ervan uit dat elke leerkracht zelf in staat is zijn praktijk te verbeteren en aan te scherpen (single loop leren). Daarnaast stimuleren we het zogeheten double loop en triple loop leren. In de individuele leerprocessen van de leerkrachten komen principes, opvattingen, levensbeschouwing en inzichten aan de orde. De directie is verantwoordelijk voor aansporing en ondersteuning hierin.
De directie voert minimaal een keer per jaar een ontwikkelingsgesprek met iedere leerkracht op grond van criteria die verankerd zijn in het strategische proces en die passen bij de uitgangspunten van het beleid van de school. Voor alle medewerkers zijn deze uitgangspunten bekend en regelmatig onderwerp in gezamenlijke studiemomenten en tijdens individuele ontwikkelings en beoordelingsgesprekken. Aan de hand van het persoonlijk ontwikkelingsplan (POP) bereidt de medewerker het gesprek voor. Eens per twee ã drie jaar vindt er een beoordelingsgesprek plaats. In het ontwikkelings en beoordelingsgesprek staat de persoonlijke ontwikkeling van de leerkracht centraal in relatie tot de schoolontwikkeling.
Met betrekking tot het appèl op leerkrachten om te kunnen en willen bijdragen aan de school als geheel, gaan we meer onderscheid maken tussen organisatorische taken (bijvoorbeeld sportdag) en strategische taken (voorbe reiden of uitlokken van nieuw beleid). Hierbij gaan we er van uit dat de eigen professionele ambitie altijd gestimuleerd kan worden.
De Meerhoef werkt als opleidingsschool voor studenten nauw samen met de opleidingsinstituten, gericht op gezamenlijke en wederzijdse professionalisering van nieuw en zittend personeel. Nadruk ligt op werkplekleren (inclusief actieonderzoek) ten dienste van schoolontwikkelingsprocessen ter verbetering van de opleidingsfunctie voor verschillende taken en functies in het onderwijs. Samen met BS Cobbeek blijven we afstemming van studenten zoeken in intervisiebijeenkomsten. Ook in het schooljaar 2011-2012 zullen daarom weer diverse studenten in de school gaan participeren. Gezien de terugloop van het aantal studenten op de opleiding, zullen we waarschijnlijk minder studenten krijgen dan we gewend zijn.
Het personeel heeft verlof tijdens de schoolvakanties. In bepaalde gevallen kan het personeel aanspraak maken op extra verlof onder schooltijd. De meest bekende vorm van verlof is het compensatieverlof, beter bekend als de arbeidsduurverkorting (ADV). Andere redenen voor personeel om voor extra verlof in aanmerking te komen zijn bijvoorbeeld jubilea, verhuizingen, familieomstandigheden, nascholing, studieverlof. Uiteraard kan er ook uitval ontstaan door ziekte. In alle gevallen zal de school er naar streven voor vervanging te zorgen. Gelet op de krapte op de arbeidsmarkt zijn er echter steeds meer problemen te verwachten bij het vinden van vervangers. Het zal dus vaker voorkomen dat groepen worden samengevoegd. In een enkel geval kunnen we zelfs genoodzaakt zijn een groep naar huis te sturen. Ouders worden daarvan uiteraard tijdig op de hoogte gesteld.

In het kader van de uitvoering van de Arbowet en onze zorg voor optimale arbeidsomstandigheden en veiligheidsaspecten, zijn er regelmatig contacten met diverse instanties (onder andere GGD en brandweer) mbt klimaatbeheersing, veiligheid, gezondheid en welzijn. Zij geven adviezen en voeren controles uit. De Meerhoef heeft gekwalificeerde Bedrijfs hulpverleners (BHV'ers), die jaarlijks een herhalingscursus volgen. De school houdt minimaal één keer per jaar een ontruimings oefening. Als extra check heeft stichting Veldvest een extern bedrijf ingeschakeld dat één keer per vier jaar de fysieke veiligheid op de scholen controleert. Alle scholen van Veldvest hebben in december 2010 een veiligheidsconvenant ondertekend. Het convenant is het resultaat van een steeds verdergaande samenwerking tussen gemeente, politie, het OM en de Veldhovense scholen. Daarnaast beschikt elke school over een veiligheidsplan waarin de aandachtspunten beschreven staan die we prioriteit geven. Het veiligheidsplan ligt op school ter inzage en is te vinden op onze website.
De gemeente Veldhoven en stichting Veldvest doen een flinke investering om de luchtkwaliteit op een groot aantal van haar scholen te verbeteren. Alle schoolgebouwen in Veldhoven die de komende jaren niet vervangen worden door nieuwbouw, krijgen uiterlijk oktober 2011 zogeheten Warmte Terug Win installaties. Deze WTW installaties zorgen ervoor dat vervuilde lucht met een hoge CO2 concentratie vervangen wordt door schone, verwarmde buitenlucht. Zowel de gemeente Veldhoven als Veldvest wil een hoge prioriteit geven aan een gezond binnenklimaat. Dit bevordert de gezondheid en het welzijn van de kinderen en heeft uiteindelijk een positieve invloed op hun leerprestaties. Aangezien voor BS De Meerhoef geen nieuwbouw is te verwachten, betekent dit dat in alle klaslokalen WTW-installaties zijn aangebracht. Bovendien zijn de lokalen voorzien van verlaagde plafonds. Dit betekent een aanzienlijke verbetering voor wat betreft de "galmklachten".
Aan het gesprek met ouders hechten wij grote waarde. Wij vinden het van belang dat wij ouders goed over onze achterliggende motieven informeren. Het gesprek is er altijd op gericht om ons beleid te verhelderen, het vertrouwen daarin op te bouwen en te bekijken waar de leerbehoeftes van het kind liggen. Het is belangrijk dat een kind zich veilig en prettig voelt op school. Transparante en heldere communicatie daarover blijft van het grootste belang. Contacten met ouders zijn erg belangrijk bij alle processen die met onderwijs en opvoeding te maken hebben. Daarom wil onze school de betrokkenheid van ouders blijven optimaliseren. De schoolgids is slechts één van de middelen om ouders te informeren over de richting van de school. Daarnaast verzorgen we met regelmaat schriftelijke informatie waarin we ouders op de hoogte houden van schoolbeleid en ontwikkeling. Over praktische zaken en school en groepsactiviteiten worden ouders via de wekelijkse 'Meerinfo' geïnformeerd. De ouders kunnen deze ook digitaal ontvangen. Onze website, (www.meerhoef.nl) is vernieuwd. Alle brieven en andere informatie, die we naar ouders doen uitgaan, zijn terug te vinden op deze site. Ook diverse regelingen die we niet in deze schoolgids opgenomen hebben, zijn daar te lezen (zie hoofdstuk 11). Naast het verzorgen van schriftelijke informatie, organiseren we informatieavonden en kijkmomenten voor ouders. Over de ontwikkeling van individuele leerlingen wordt met ouders gesproken op rapportbesprekingen (zie hoofdstuk 5). Een van de leden van het strategische team heeft de rol van kwaliteitsbewaker "Communicatie en PR". We richten ons op welke wijze we de betrokkenheid van de ouders kunnen verhogen en hoe we een bredere groep ouders bereiken.
Voor de scholen vallend onder het bevoegd gezag van Veldvest bestaat een Gemeen- schappelijke Medezeggenschapsraad (GMR). De GMR bestaat uit vertegenwoordigers van ouders en leerkrachten van verschillende scholen van stichting Veldvest.
De GMR is bevoegd tot bespreking van die
aangelegenheden, die van gemeenschappelijk
belang zijn voor de scholen vallend onder het
bevoegd gezag. Daarnaast kan ze schriftelijke
voorstellen doen en standpunten kenbaar maken aan het bevoegd gezag.
De GMR heeft adviesrecht mbt zaken als kaders voor vaststelling van het regionaal vakantie- rooster, vaststellen of wijzigen van beleid ten aanzien van het onderhoud van gebouwen en instemmingsrecht mbt o.a. het wijzigen van een
benoemingsprocedure van de schoolleiding.
De GMR vergadert maandelijks, zowel zelfstan-
dig als met het College van Bestuur.
Alle GMR-informatie is tevens te vinden op de
website van Veldvest: www.veldvest.nl
De Medezeggenschapsraad (MR) is een wettelijk geautoriseerd orgaan. Binnen de MR is advies en inspraak van ouders en leerkrachten geregeld. Het beleid van de school wordt er getoetst. De MR kan zelf onderwerpen inbrengen of voorstellen doen aangaande alle zaken op de school. Afhankelijk van het onderwerp, heeft de ouder en/of personeelgeleding van de MR advies of instemmingbevoegdheid. Op onze school gaat de MR op in de Schoolraad, maar blijft haar wettelijke status van toetsend orgaan behouden. De Schoolraad bestaat uit de MR leden (zowel ouders als leerkrachten), aangevuld met enkele onafhankelijke leden (ouders). De Schoolraad vormt een klankbord voor directie en team en is nauw betrokken bij het schoolbeleid. De directie heeft binnen de Schoolraad een adviserende rol en beschouwt de raad als een constructieve gesprekspartner bij processen die ten grondslag liggen aan het beleid van de school. De schoolraad heeft een dagelijks bestuur. Eens per maand wordt er met de gezamenlijke raad vergaderd in het bijzijn van de directie. Vaak worden actuele en beleidszaken al een voorbereidend stadium aan de orde gesteld. De vergaderingen zijn openbaar en dus voor iedere ouder toegankelijk. Het komt echter nog maar sporadisch voor dat ouders gebruik maken van de mogelijkheid om de Schoolraad en de directie op deze wijze te ontmoeten. We blijven dit contact met u bevorderen. Notulen, jaarverslag en vergaderdata van de schoolraad vindt u op de website.
Oudervereniging Naast de Schoolraad bestaat er op onze school een oudervereniging.
Teamleden verzorgen, met ondersteuning van leden van de oudervereniging, de coördinatie en organisatie van activiteiten zoals bijv. het Sinterklaasfeest en de sportdag. Daarnaast zijn leden van de oudervereniging beschikbaar als
'klassenouders'. Deze ondersteunen de leerkracht bij de organisatie van groepsgebonden
activiteiten.
Ouders worden automatisch lid op het moment dat zij een kind op onze school hebben. Het lidmaatschap eindigt ook automatisch op het moment dat u geen kinderen meer op onze school heeft.
Ouderbijdrage
We vragen ouders jaarlijks een contributie te betalen ter dekking van de kosten van buitenschoolse activiteiten die door en met de oudervereniging worden georganiseerd. Voor het schoolkamp van groep 8 wordt daarnaast een aparte bijdrage gevraagd.
De gehele ouderbijdrage komt rechtstreeks aan de kinderen ten goede. Eenmaal per jaar vindt in de Schoolraadvergadering de financiële verantwoording plaats. De hoogte van de bijdrage wordt aan het begin van ieder schooljaar vastgesteld door de Schoolraad en schriftelijk
medegedeeld aan de ouders. De terugkoppeling
naar de ouders gebeurt tijdens de jaarvergadering. In geval kinderen tussentijds op
school komen zal naar rato een bijdrage worden
gevraagd.
Hoewel het een vrijwillige bijdrage is, willen wij deze van harte bij de ouders aanbevelen. Indien echter niet alle ouders betalen, zal de oudervereniging en daarmee de organisatie van buitenschoolse activiteiten, in de problemen
komen.
Ouders waarvoor het financieel lastig is om te
betalen, kunnen een afspraak maken voor een gesprek met de directie.

Overal waar gewerkt wordt, zijn wel eens misverstanden of worden fouten gemaakt. Problemen bespreekt u als ouder in eerste instantie met de leerkracht van uw kind. Ons streven is dat elke leerkracht ouders en leerlingen altijd serieus neemt en samen met hen zoekt naar de beste oplossingen. Mocht u het gevoel krijgen dat u niet serieus genomen wordt of dat er niet goed naar u geluisterd wordt, dan kunt u dat bespreken met de directie of leden van het strategische team. Bij onvoldoende resultaat kunt u de problematiek bespreken met de interne contactpersonen van de school. De gehele klachtenregeling en procedure zijn terug te lezen op onze website.
De Stichting Veldvest heeft voor al haar scholen een verzekeringspakket afgesloten, bestaande uit een ongevallenverzekering en een aansprakelijkheidsverzekering. Meer informatie hierover is terug te lezen op onze website en de kalender.
Sponsoring is in het maatschappelijk verkeer een bekend verschijnsel. Ook op scholen kan sponsoring voorkomen. Er is uitsluitend sprake van sponsoring als de sponsor een tegenprestatie verlangt. Schenkingen, ouderbijdragen en gelden van het ministerie en de gemeente vallen niet binnen het begrip sponsoring. Onze school en haar bestuur zijn van mening dat sponsoring binnen de school is toegestaan, mits voldaan wordt aan enkele voorwaarden. De belangrijkste voorwaarde is dat van beïnvloeding van het primaire proces nooit sprake mag zijn. De Meerhoef heeft momenteel nog geen schoolspecifiek beleid vastgesteld maar volgt deze richtlijnen. Het onderwerp sponsoring is al met de Schoolraad en de Oudervereniging besproken; er wordt een sponsorcommissie opgericht, waarin directie, schoolraad en team vertegenwoordigd zijn. In 2012 zal dit beleid actief zijn.
Kwaliteitszorg zien wij als een gezamenlijke verantwoordelijkheid van directie en team. Dit vraagt om een continu proces van gemeenschappelijk investeren. De keuzes van de speerpunten van beleid dragen bij aan het uitbouwen van het strategische vermogen van de school en zijn gericht op de verhoging van de kwaliteitszorg en het primaire leerproces. We zijn gericht op verbeteringen die recht doen aan de diversiteit van de leerlingen en het bieden van passend onderwijs. De gekozen speerpunten zijn verantwoord vanuit het beleidsplan van de Stichting Veldvest en de daaraan gerelateerde stichtingsdoelen en vervolgens in het Schoolplan van De Meerhoef 2011- 2015 vertaald naar eigen schooldoelen en speerpunten. Ze zijn met het team en schoolraad besproken en verantwoord in "Formatieplan 2011-2012", en voor de ouders in deze schoolgids.

Op 28 januari 2010 heeft de inspectie een kwaliteitsonderzoek uitgevoerd op onze school. Gebleken was dat de leeropbrengsten de laatste jaren een dalende tendens vertoonden. Intern hebben we toen kritisch naar de oorzaken gekeken en is een verbeterplan opgesteld voor de periode december 2009-december 2011,
met als doel de leeropbrengsten binnen 2 jaar
op een voldoende en duurzaam niveau te
hebben.
Het plan bevat een 6- tal verbeterlijnen waarbij
met name professionalisering van leerkracht- vaardigheden prioriteit krijgt.
Met het verbeterplan zorgen we ervoor dat het onderwijs voor taal, rekenen en lezen planmatiger wordt aangepakt.
Deze investering heeft een positieve invloed op
de leeropbrengsten. Op die manier ontwikkelen
we een praktijk van onderzoek, ondersteuning
en opleiding. De onderwijsinhoudelijke focus was dus ook dit jaar voornamelijk gericht op de doelen van dit verbetertraject.
Het verbeterplan ligt ter inzage bij de directie of de leerkrachten en is terug te lezen via de website van de school.
Op 4-11-2010 heeft een tussenevaluatie plaatsgevonden in een gesprek met directie, College van Bestuur en inspectie. Diverse documenten zoals het verbeterplan, analyse van de opbrengsten, zorgnotitie en jaarplan vormden leidraad voor dat gesprek. Tijdens het gesprek werd geconstateerd dat de resultaten van de opbrengsten een stijgende lijn vertoonden. Deeltoetsen voor taal en voor rekenen/wiskunde in 2010 scoorden voldoende. Uitgezonderd de resultaten voor begrijpend lezen van groep 6, die onvoldoende waren. We zagen hier een verband met tegenvallende woordenschatontwikkeling en problemen met technisch lezen van een aantal leerlingen van deze groep. Resultaten van de CITO-eindtoets 2010 lagen op voldoende niveau. Bij het kwaliteitsonderzoek van 22 maart 2011 constateerde de inspectie voortgang van deze stijgende lijn op de ingezette kwaliteitsverbeteringen mbt de leeropbrengsten en voldoende resultaten op de tussenscores. We zijn daarmee al eerder dan verwacht, het predikaat 'zwak' kwijtgeraakt en weer opgenomen in het reguliere toezicht van de inspectie.Bovendien had de uitslag van de CITO- eindtoets 2011 de waardering 'goed'. We mogen in die zin spreken van een succesvol schooljaar. Zelfevaluatie-activiteiten vanaf dec. 2009 In onderstaand overzicht beschrijven we de actuele stand van zaken mbt het verbetertraject en welke inspanningen de afgelopen periode op de onderstaande domeinen gerealiseerd zijn.
A•Opbrengsten
B•Onderwijsleerproces
C•Zorg en begeleiding
D•Kwaliteitszorg en communicatie en
professionalisering
Resultaten van de tussen- en eindopbrengsten zijn via de aparte notitie "Dataverzameling analyse en waardering van opbrengsten" af te lezen. Daarin staan ook de eindopbrengsten CITO 2011 opgenomen.
Leesonderwijs:
investering in het aanbod van technisch lezen via methode Leesweg en mbt geplande onderwijstijd via een structuur binnen de gehele school, aan de start van de dag voor de groepen 4 t/m 8. Met ingang van schooljaar
2010-2011 is de nieuwe methode Veilig Leren
Lezen voor groep 3 in gebruik.
Begrijpend lezen:
aanschaf van "Nieuwsbegrip
XL". Dit aanbod biedt actuele zaken die de
betrokkenheid van de leerlingen vergroot. Tevens wordt dit gekoppeld aan stelonderwijs. Op advies van het CPS zijn we ons gaan beperken tot het aanbieden van enkele lees strategieën.
Woordenschat blijft hoge prioriteit houden in relatie tot begrijpend lezen.
Homogene instructie
Ten behoeve van effectieve instructiemomenten
hebben we ervoor gekozen om instructie
homogeen aan te bieden met behulp van het
'model directe instructie' en convergente
differentiatie. We hebben daarvoor al eerder een
structuurwijziging in groepssamenstellingen gemaakt.
Expertgroepen
Deze richten zich op het in beeld brengen en
afstemmen van leerstofaanbod voor rekenen,
taal en lezen en relateren dat aan de eisen die aan toetsen gesteld worden vanuit het leerling
volgsysteem. Tevens hebben zij zich
georiënteerd op de keuze van een nieuwe taal –
en leesmethode. Daarbij zijn de te behouden
elementen en verworvenheden vanuit het traject
'Kansrijke Taal' meegenomen, alsook de
tekortkomingen daarvan die via een methode beter aan de kerndoelen en de behoefte van ons onderwijsaanbod voldoen.
Met ingang van schooljaar 2011-2012 gaan we
over tot aanschaf van een nieuwe taal- en leesmethode. Het Traject Kansrijke Taal stopt daarmee.
Invoering van het traject Handelingsgericht Werken volgens de cyclus van de 1- Zorgroute. Kinderen worden systematischer gevolgd. Er wordt planmatiger gewerkt mbv groepsplannen, het directe instructiemodel en convergente differentiatie. Het invoeringstraject is gestart met rekenen en wordt uitgebreid naar andere vakgebieden, waarbij 'hoge verwachtingen' van leerlingen centraal staan. Daarnaast worden speciale onderwijsbehoeften via ontwikkelingsperspectieven (OPP's) in kaart gebracht vanaf groep 4. Vanaf groep 6 kan evt. worden overgegaan tot een eigen leerlijn waarvoor dan een onderbouwd OPP opgesteld wordt. Volgens de cyclus van de 1-Zorgroute vinden geplande besprekingen en evaluaties plaats in samenspraak met het zorgteam, directie en het team.
De onderwijsbehoeften van onze leerlingen brengen we in beeld met het format 'Groepsoverzicht' uit de 1-Zorgroute. Voor leerlingen die mogelijk in aanmerking komen voor een eigen leerlijn, bekijken we via het format 'OPP' kansrijke en belemmerende factoren op het gebied van cognitieve ontwikkeling, sociaal emotionele ontwikkeling, medische ontwikkeling, taalontwikkeling, werkhoudingaspecten, invloeden van thuis en onderwijsleersituatie. Toetsresultaten worden in kaart gebracht mbv een format gerelateerd aan het kwaliteitskader van de inspectie. De gegevens worden geanalyseerd en besproken met het team volgens planning die in de jaarkalender opgenomen staat. Op de studiedag van 26-1 jl. heeft het team de stand van zaken mbt alle verbeteractiviteiten gezamenlijk in beeld gebracht mbv vragenlijsten en van daaruit kritisch bekeken wat opnieuw te prioriteren. Legitimatie en motieven voor opbrengstgericht werken in relatie tot actuele landelijke inspectieonderzoeksresultaten van nov.2010 en jan.2011, zijn hierin meegenomen. Belangrijk is dat er planmatiger en cyclisch gewerkt wordt. Dit bevordert het overzicht, ondersteunt bij de monitoring om sneller tot actie over te kunnen. Tevens geeft dit leerkrachten houvast mbt hun handelen. Daarom is er een kwaliteitshandboek aangelegd waarin afspraken, formats en borgingsdocumenten zijn opgenomen.
Verantwoording van de verbeteractiviteiten, leerresultaten en analyses zijn met regelmaat onderwerp van gesprek in het team, schoolraad en in afstemming met het bovenschoolse kwaliteitsteam van Veldvest en CvB.
Ouders worden over de verbeteractiviteiten geïnformeerd via daarvoor geplande informatieavonden en schriftelijke rapportage (schoolgids en infobulletins). Daarnaast hebben we kijkmomenten georganiseerd waarbij de ouders het werken met het directe instructiemodel konden bekijken en hun evt. vragen konden stellen. In de vergaderingen van de Schoolraad is het opbrengstgericht werken een vast agendapunt. Ouders worden via de info op de hoogte gesteld van de agenda van de deze vergaderingen. Verslagen daarvan staan op de website.
De leerkrachten beschikken over het volledige verbeterplan, maar hebben daarnaast een verkorte versie het zgn. 'spoorboekje' en het mijlpalenoverzicht tbv hun dagelijkse handelen. Zij worden daarin ondersteund door de clusterondersteuners en directie dmv:
•klassenconsultaties, gericht op didactische vaardigheden
•ondersteunings, feedback- en ontwikkelingsgesprekken
•planmatig werken dmv hanteren van directe instructiemodel en hanteren van formats tbv samenstellen van groepsplan
•cyclisch werken: gefaseerde invoering
van 1- zorgroute, via gezamenlijke professionaliseringsbijeenkomsten
•externe ondersteuning en expertise via SBD en kwaliteitsteam Veldvest, educatief centrum en pilot excellente leerlingen
•ondersteuning bij invoeringstraject
Parnassys.
Naast de focus op de leeropbrengsten hebben we een start gemaakt mbt een herziening van de visie ten behoeve van een onderscheidende profilering van de school. Daaruit zijn visie- elementen naar voren gekomen die aangeven waar de school voor staat. Hieraan wordt het komende jaar een vervolg gegeven.

Vanuit de in het Schoolplan 2011-2015 beschreven 3 hoofddomeinen zijn de speerpunten voor het komende schooljaar bepaald. Deze zullen een praktische vertaling krijgen via een aantal projecten.
1. Domein Opbrengstgerichte kwaliteit Onderwijs en leren
Hierbij staan de doelen uit het verbeterplan, de verdere invoering van de 1-Zorgroute en het borgen van ‘opbrengstgericht werken’ centraal:
•analyse en interpretatie van toetsresultaten
•uitbreiden groepsplan naar taal en lezen en vergroten didactische vaardigheden
van de leerkrachten
•invoering van nieuwe methode voor taal en lezen
• werken vanuit kerndoelen met referentieniveaus
Ook het komende jaar blijven de expertgroepen op de vakgebieden taal, lezen en rekenen actief. Door te leren met en van elkaar, kunnen we de deskundigheid vergroten. De teamleden van de expertgroepen zullen na de keuze van de nieuwe methodes de doelen, de referentie niveaus en de leerinhouden kritisch blijven bekijken, bespreken met het team en verbeteringen aanbevelen. Ook ondersteunen ze collega's die vragen hebben over het betreffende vakgebied.
Het vraagstuk van de homogene of heterogene groepering van leerlingen blijft actueel. We gaan hierbij uit van doelen en inhouden die recht doen aan de drie leertheorieën, die we zoveel mogelijk in samenhang trachten te hanteren. Aangezien in de komende jaren de nieuwe referentieniveaus in het basisonderwijs worden ingevoerd, zien we dit als een kans om goed na te denken over welke cognitieve vaardigheden we anders, beter en efficiënter moeten aanbieden; wat doen we waarom op een empiristische manier, voor welke referentie niveaus benutten we de vrije ruimte en op welke manier gaan we het aanbod inrichten?
We vervolgen de invoering van de "1-Zorgroute", gericht op leerlijnen, ontwikkelingsperspectieven van de leerlingen, en op het nieuwe kindvolgsysteem "Parnassys". We bekijken tevens waar de rapportage aanpassing behoeft. In de zorgnotitie staan concreet geformuleerde doelen, passend bij de speerpunten van beleid en het verbeterplan.
2. Domein Maatschappelijke oriëntatie
Er is vanuit overheidswege een accentverschuiving waarneembaar in wat en hoe er geleerd moet worden. Deze visie is hoofdzakelijk gericht op de cognitieve ontwikkeling van leerlingen en zou als zodanig dus als een wat eenzijdige benadering van kwaliteit gezien kunnen worden. Het roept vragen op of leerlingen hiermee wel voldoende worden voorbereid op wat zij later nodig hebben om goed te kunnen functioneren in de snel veranderende samenleving. Wij vervolgen daarom onze visievorming richting een onderscheidend schoolprofiel van De Meerhoef om duidelijker te laten zien waar wij voor staan, wat we als onze maatschappelijke opdracht zien en vanuit welke centrale waarden we dat beschouwen. De richtinggevers zoals genoemd in hoofdstuk 3 van deze schoolgids zijn hierbij leidend. Hierbij gaan we op zoek naar dieperliggende motieven die het opbrengstgericht werken legitimeren en het vergroten van de verantwoordelijkheid van de leerlingen.
3. Domein Innovatieve impuls
Aandacht voor het 'leren leren', talentontwikkeling en ict-toepassingen.
•doorgaande lijn in zelfsturing (weektaak)
en onderzoek naar leerstijlen van
kinderen
•invoering instrument tbv sociaal- emotionele ontwikkeling van leerlingen
•aanpassing rapportage
• aandacht voor nieuwe ICT
ontwikkelingen in relatie tot onderwijsinhoud.
De speerpunten van beleid worden vertaald in een 5-tal projectgroepen waarin leerkrachten participeren.
Domein 1: de 3 expertgroepen taal, lezen, rekenen worden gecontinueerd
Domein 2:hiervoor wordt een projectgroep
maatschappelijke oriëntatie en burgerschap opgezet, gericht op de vraag ; 'waar maak je leerlingen verantwoordelijkheid voor op de school'.
Hierbij gedacht wordt aan:
•herstart van de leerlingenraad, filosoferen, debatteren met kinderen
• opzet van 1 à 2 schoolbrede maatschappelijke thematische projecten waarin ook andere vakinhoudelijke doelen verweven worden. de eerder dit jaar geformuleerde visie elementen vormen hierbij uitgangspunt.
Domein 3:projectgroep rapportage.
Mbt ICT-ontwikkeling in relatie tot onderwijs inhoud wordt een zgn. "i-coach" aangesteld, die komend jaar hierin beweging op gang moet brengen.Voor de 5 projectgroepen zal in afstemming met directie een projectplan opgesteld worden,
waarin doelen, inhoud, tijdpad en projectleider opgenomen worden.
Verbinding tussen De Meerhoef en Cobbeek
Ook het komende schooljaar blijven we nadrukkelijk streven naar brede afstemming
tussen BS De Meerhoef en Cobbeek. Het gebruik maken van elkaars expertise werkt
kwaliteitsverhogend en efficiënt met name ook
voor wat betreft continuïteit mbt kwaliteitszorg
in het kader van de leeropbrengsten. We blijven
ons binnen de mogelijkheden richten op
onderstaande verbindingen:
•gezamenlijke strategische overlegmomenten
•afstemming zorgteams
•expertgroepen leerkrachten op het
gebied van taal, lezen, rekenen
•opleiden in de school: gezamenlijke
intervisiebijeenkomsten
•verbreding scholen: samenwerking met partners voor- tussen en naschoolse opvang
•gezamenlijke professionaliserings- momenten van de teams; invoering 1- Zorgroute
• samenwerking en afstemming van onderwijsondersteunend personeel: betreffende administratie, management- ondersteuning, vervangingen, gebou- wenbeheer, veiligheid, contacten gemeente e.d.
In het jaarrooster van beide scholen worden voor de diverse zaken contactmomenten vastgelegd.
Informatie over deze onderwerpen is te lezen in hoofdstuk 10.
Binnen de wet op het onderwijstoezicht (WOT) wordt de school zelf verantwoordelijk gesteld voor haar kwaliteitsbeleid. Belangrijk daarin is dat de inspecteur niet zelf zal toetsen, maar in zijn beoordeling zal aansluiten op de schoolevaluatie. Scholen dienen systematisch en regelmatig de kwaliteit van onderwijs en leren en van de opbrengsten vast te stellen en waar nodig acties te ondernemen om de kwaliteit te verbeteren en te borgen. Activiteiten op het gebied van zelfevaluatie en schoolverbetering hebben een vaste plek binnen de beleidscyclus van onze school. Daarbij vinden we een heldere koers van belang. Onze kwaliteitszorg vindt daarom systematisch, integraal en cyclisch plaats, aan de hand van duidelijke procedures, instrumenten en criteria. Meer informatie over de Wet op Onderwijs- Toezicht is te lezen op de website.
Het leerlingvolgsysteem (LVS) bestaat uit een aantal niet methodegebonden toetsen. Zo wordt op een objectieve manier op vaste toets momenten in het jaar de (leer)ontwikkeling van kinderen gevolgd. De onderwijsinspectie gebruikt deze gegevens ook om tussentijds de kwaliteit van onderwijs te meten. De inspectie beoordeelt de resultaten aan de hand van toetsresultaten op de volgende toetsen:
•technisch lezen groep 3 en 4;
•rekenen en wiskunde groep 4 en 6;
• begrijpend lezen groep 6.
Het toetssysteem begint bij de kleuterjaren en
volgt de leerling tot en met groep 8. Omdat de
toetsen worden afgenomen bij een grote groep leerlingen in het hele land, zijn er standaard- scores tot stand gekomen. Die maken het mogelijk de leerling daarmee te vergelijken.
Van het toetspakket gebruiken wij de toetsen
voor Taal (Aarnoutse, Taal voor kleuters,
Spelling, woordenschat), Lezen (Technisch en
Begrijpend lezen) en Rekenen.De vastgestelde afnamemomenten zijn opgenomen in een toetskalender. De toets wordt
door de leerkracht nagekeken. De score kan weergegeven worden in een tabel of grafiek. De uitslagen worden met ouders besproken tijdens de rapportavonden.
In het "Verbeterplan 2009-2011" zijn streefpercentages opgenomen tbv het verhogen van toetsresultaten. Op vastgestelde momenten (na de toetsperiode januari en juni) vergelijken en analyseren we de resultaten op leerling, groeps en schoolniveau.
De Entreetoets voor groep 7 wordt in de periode
april-juni afgenomen. Met deze toets gaat de
leerkracht na of de leerling op het niveau
presteert dat van hem verwacht mag worden en
of er in de kennis en vaardigheden hiaten zitten. Op basis van de uitslag van de toets wordt een plan van aanpak opgesteld voor de leerling. Daarnaast krijgt de leerkracht een beeld van hiaten op bepaalde vakgebieden van de gehele groep, waarop gerichte actie gezet kan worden in groep 8. De Entreetoets bestaat uit vier onderdelen: Taal, Lezen, Rekenen-Wiskunde en Wereldoriëntatie. De antwoordbladen worden
door CITO nagekeken, aan de hand waarvan voor
elke leerling een Leerling profiel opgesteld
wordt. Voor het aflezen van dit profiel ontvangen
de ouders begeleidende informatie. De uitslag
van entreetoets wordt met iedere ouder individueel besproken.
Aan het eind van de basisschoolperiode dienen scholen aan te tonen of de leerlingen de verplichte kerndoelen hebben behaald. Zoals de meeste scholen in Nederland, gebruikt ook onze school hier de CITO Eindtoets voor. De afname vindt plaats in februari van groep 8. De resultaten hiervan worden ook door het Voortgezet Onderwijs gebruikt. Naast het advies van de basisschool is het resultaat op de eindtoets een middel om de inschatting voor een juiste schoolkeuze te maken.
De Niveautoets is bestemd voor leerlingen van groep 8 met een leerachterstand van tenminste 1,5 jaar over vrijwel de gehele linie. Het betreft leerlingen die zeer waarschijnlijk in aanmerking komen voor het praktijk of het leerweg ondersteunend onderwijs. De Niveautoets wordt op de computer gemaakt. De toets bevat dezelfde onderdelen en hetzelfde aantal opgaven als de reguliere eindtoets. De opgaven zijn echter aangepast aan het niveau van leerlingen met een grote leerachterstand. Ook op onze school krijgen leerlingen de gelegenheid, na overleg met ouders, deel te nemen aan deze toets.
Gemiddelde standaard scores |
Gemiddelden van De Meerhoef |
Algemeen landelijk gemiddelden |
Gemiddelden School groep * |
2007 |
533,1 |
535,1 |
536,1 |
2008 |
532,4 |
535,4 |
534,5 |
2009 |
530,5 |
535,0 |
536,2 |
2010 |
535,7 |
535,2 |
|
2011 |
537,6 |
535,3 |
|
* Tot 2010 werd gewerkt met "schoolgroepen": dit betreft een vergelijking met scholen die in dezelfde schoolgroep zitten.
Volgens de norm van de inspectie betekende deze uitslag voor onze school voor 2010 een ruim voldoende score. Voor 2011 geeft dit de waardering goed.
Uitstroomgegevens
De leeropbrengsten aan het einde van acht leerjaren zijn belangrijke indicatoren of de scholen er in slagen de leerlingen toe te rusten met basiskennis en vaardigheden die nodig zijn om succesvol het Voortgezet Onderwijs te kunnen volgen. De resultaten van de Eindtoets ondersteunen de leerkrachten, de ouders en de leerlingen bij de keuze van Voortgezet Onderwijs. Onderstaande tabel vermeldt in percentages de uitstroomgegevens van onze school.
Percentages |
2007 |
2008 |
2009 |
2010 |
2011 |
V.S.O. |
|
|
3 |
|
3 |
VMBO-BBL |
20 |
28 |
47 |
6,3 |
|
VMBO-KGT |
27 |
20 |
17 |
37,5 |
16 |
Mavo xl |
|
|
|
|
16 |
HAVO/ VMBO. |
17 |
20 |
17 |
18,7 |
23 |
VWO/HAVO |
17 |
|
|
25 |
26 |
VWO |
17 |
32 |
17 |
12,5 |
16 |
Totaal in procenten |
100 |
100 |
100 |
100 |
100 |
Aantal leerlingen |
30 |
25 |
30 |
32 |
31 |
| Ochtend | Middag | |
| ma. di. do.: | 08.30 - 12.15 uur | 13.15 - 15.15 uur |
| woe. vrij : | 08.30 - 12.15 uur | vrij |
Vakanties, studiedagen e.d. zijn terug te vinden in de kalender.
In augustus 2006 trad er een verandering in de wetgeving op. Tot die tijd betekende dit dat leerlingen in de onderbouw (groepen 1 t/m 4) 880 uur per jaar naar school gingen en leerlingen in de bovenbouw (groepen 5 t/m 8) 1000 uur. De wet stelt nu verplicht dat leerlingen in acht jaar basisonderwijs 7520 uur onderwijs moeten krijgen, met een gemiddelde van 940 uur per jaar. De Meerhoef heeft vanaf 2007 gekozen om te komen tot gelijke schooltijden voor onder en bovenbouw. Dit geeft duidelijkheid voor kinderen en ouders. Bovendien geeft het meer ruimte om binnen de school verbindingen te leggen tussen leerlingen, groepen en leerkrachten. Met ingang van schooljaar 2011-2012 gaan we over naar 940 uur voor alle leerlingen. Zo voldoen alle kinderen na acht jaar aan het verplichte aantal uren.
Tussen- en buitenschoolse opvang (TSO / BSO)
Onze school zal uitgebouwd worden tot zgn.
"verbrede" school. In het schoolgebouw zal dan
minstens ook voor en naschoolse opvang gerealiseerd moeten zijn. Vanwege het gebrek aan ruimte in het schoolgebouw is dat momenteel nog niet mogelijk.
De meeste ouders hebben hun kinderen nu
ondergebracht bij BSO-organisatie Korein of het
Witte Wiel. De tussenschoolse opvang wordt op De Meerhoef georganiseerd en verzorgd door de Lunch-club van Korein.We hanteren daarbij de volgende pedagogische uitgangspunten:
•aandacht voor veiligheid, geborgenheid en ruimte voor emoties van het kind;
•aandacht voor het gevoel van zelf- vertrouwen;
• aandacht voor de zelfstandigheid van het kind en stimuleren tot sociaal gedrag en omgang met anderen.
Oplossing op korte termijn voor schooljaar
2011-2012:
De directie heeft na overleg met team en SR
besloten om het komende schooljaar alle groepen te huisvesten op de huidige locatie. Dit betekent dat we nog te maken hebben met een 'overvol' schoolgebouw en te weinig volwaardige overblijfmogelijkheden voor de tussenschoolse opvang.
Het uiteindelijke doel is om in 2016 een kwalitatief goede huisvesting te realiseren die onderwijsruimte biedt aan alle groepen van De Meerhoef inclusief extra ruimten die recht doen aan dagopvang en voor- tussen- en naschoolse opvang van kinderen; een locatie waar onderwijs en verbreding gezamenlijk plaats kunnen
vinden.
Het huisvestingsprobleem relateren we daarom
ook aan de schooltijden die we hanteren.
Komend schooljaar zijn na het gelopen
invoeringstraject mbt het totaal aantal te maken
onderwijsuren, alle groepen op woensdag en
vrijdagmiddag vrij.
Landelijk zijn er echter veel verkenningen van
scholen rondom invoering van een zogenaamde
'5 gelijke dagenindeling' en een eventueel
continurooster. Vandaar dat ook wij dit traject zorgvuldig met team, schoolraad en met ouders via onder meer een ouderenquête willen verkennen.
Hierover moet medio 2012 een besluit vallen.
Als een kind vier jaar is, mag het naar de basisschool. Verplicht is het pas als het vijf jaar is. Op de dag dat een kind vier jaar wordt, mogen wij het als leerling inschrijven. Vóór die tijd kunnen ouders gebruik maken van maximaal vijf kijkdagen als introductie hierop. Wij adviseren de ouders deze dagen over een niet te lange periode te spreiden, omdat het kind dan telkens opnieuw moet wennen. In de praktijk blijkt een kennismakingsperiode van ten hoogste drie weken het prettigst te zijn voor het kind zelf en voor de groep waarin het komt. De leerkracht neemt een maand voordat het kind vier jaar wordt, contact op met de ouders, om over bovenstaande af te stemmen. Kinderen die in de zomervakantie vier jaar worden, kunnen geen gebruik maken van de introductiedagen.
Als ouders besluiten om hun kind op De Meerhoef aan te melden, vinden wij het belangrijk om vooraf zoveel mogelijk relevante informatie over het kind te verkrijgen. Met name als er specifieke bijzonderheden zijn tav de gezondheid of ontwikkeling van het kind, kunnen
we vanaf de eerste schooldag onze aandacht en
zorg daarop zo goed mogelijk richten.
Voor een afspraak ten behoeve van een
aanmeldingsgesprek kunt u telefonisch of per
mail contact opnemen met de administratie via
Elly Asma (meerhoef@veldvest.nl).

Als u uw kind(eren) om belangrijke redenen niet op school kunt laten komen, moet u hiervoor ruim van tevoren bij de directie schriftelijk toestemming vragen. Extra verlof of vakanties onder schooltijd zijn niet toegestaan en worden door de leerplichtambtenaren nauwkeurig gecontroleerd.
Er zijn maar twee uitzonderingen op deze regel:
1•verlof van maximaal twee weken, alleen
wanneer de ouders wegens de aard van
hun beroep niet tijdens de schoolvakanties met vakantie kunnen gaan. Dit verlof mag niet vallen in de eerste twee
weken van een nieuw schooljaar;
2•verlof wegens gewichtige omstandigheden van medische en/of sociale aard,
die buiten de wil van de ouders zijn
gelegen.
Over een aanvraag tot en met tien dagen beslist de directeur, hierboven beslist de leerplicht ambtenaar. In bepaalde gevallen is een bewijsstuk vereist.
Geen reden voor verlof is:
•familiebezoek in het buitenland;
•vakantie in een goedkope periode;
•het feit dat oudere kinderen uit het gezin
(op de middelbare school) al vrij hebben;
• eerder vertrek of latere terugkeer in
verband met de (verkeers-)drukte.
De volledige verlofregeling kunt u vinden op de
website.
Formulieren voor verlofaanvragen zijn verkrijgbaar bij de administratie.
Schorsing van een leerling kan alleen plaatsvinden nadat er een traject is afgelegd waarbij zowel de rechten en plichten van de leerling, de ouders, de school, de inspectie en het bevoegd gezag aan de orde zijn gekomen. Een leerling schorsen voor een of enkele dagen gebeurt in afstemming met het bevoegd gezag.
Directie Strategisch team Interne contactpersonen Voorzitter Schoolraad Voorzitter Oudervereniging Contactpersoon GMR Bestuur Lunch-Club Korein op De Meerhoef |
Overige adressen: Meldpunt vertrouwensinspecteur van de inspectie (voor klachten over seksueel misbruik, seksuele intimidatie, ernstig fysiek of geestelijk geweld) Externe vertrouwenspersonen Stichting Veldvest Secretariaat Landelijke Klachtencommissie VBKO GGD Zuidoost-Brabant Schoolmaatschappelijk werk (SMW) |

•Verbeterplan 2009-2011
•WOT: Wet op OnderwijsToezicht
•Aanmeldingsprocedure
•Verlofregeling
•Externe remediale hulp tijdens schooltijd
•Verzekeringen
•Klachtenregeling
•Rugzakbeleid
•Dyslexieprocedure
•De Lunch-club, Tussenschoolse opvang
•Veiligheidsplan
• Schoolkalender
Deze schoolgids is tot stand gekomen in overleg tussen directie, team en de schoolraad. De schoolraad heeft hierop haar instemming verleend.
Vormgeving en drukwerk: Drukkerij Best
Foto's : Jan van Gemert
Wijzigingen met betrekking tot de inhoud van de schoolgids worden voorbehouden.
